Ga naar de hoofdinhoud
Ga naar de hoofdinhoud
Logo

Leestijd minuten -

Waarom is het belangrijk om de adviezen van de bedrijfsarts op te volgen?

In geval van ziekteverzuim en re-integratie is het voor werkgever en medewerker zeer belangrijk om de adviezen van de bedrijfsarts op te volgen. Dat geldt ook voor het advies over de urenopbouw.


Niemand kan vooraf zeggen of een opbouwschema gaat lukken. Dat wordt pas in de praktijk duidelijk. Als arbodienst maken we weleens mee dat werkgever en medewerker in onderling overleg afwijken van het spreekuuradvies. Daar kunnen verschillende redenen voor zijn. Een medewerker wil bijvoorbeeld sneller aan de slag, of werkgever en medewerker vinden samen dat de opbouw juist te snel gaat.


Maar wat zijn de mogelijke consequenties wanneer het advies niet wordt opgevolgd? En wat kun je doen wanneer je het niet eens bent met het advies?

Sneller re-integreren dan advies

Het kan voorkomen dat een medewerker graag weer aan de slag wil en dat de werkgever hem of haar daarin wil steunen. Dat lijkt positief, maar het advies van de bedrijfsarts is er niet voor niets. De bedrijfsarts kijkt naar de belastbaarheid van de medewerker en baseert het advies vaak op medische informatie en het verloop van het herstel.


Te snel re-integreren kan leiden tot terugval of stagnatie in herstel. Daar is uiteindelijk niemand bij gebaat. Het kan ervoor zorgen dat de medewerker opnieuw uitvalt of dat het herstel juist langer duurt.
Wil een medewerker sneller opbouwen dan de bedrijfsarts adviseert? Maak daar dan niet zomaar samen een andere afspraak over. Neem contact op met de casemanager. Die kan het advies toelichten en, als dat nodig is, overleg met de bedrijfsarts plannen.


Een veilige reactie kan zijn:
“Fijn dat je graag meer wil doen. Tegelijkertijd willen we voorkomen dat je te snel gaat en terugvalt. We volgen daarom het advies van de bedrijfsarts en vragen de casemanager om mee te kijken of overleg met de bedrijfsarts nodig is.”
 

Langzamer re-integreren dan advies

Omgekeerd gebeurt ook. Werkgever en medewerker zijn het erover eens dat de bedrijfsarts veel te voortvarend te werk gaat. In onderling overleg maken ze een ander opbouwschema met een hersteldatum verder in de toekomst.
 

Ook hier zijn zowel werkgever als medewerker vaak niet bij gebaat. De werkgever heeft hogere verzuim- en re-integratiekosten en misschien kosten voor vervanging van de zieke medewerker. De medewerker is onnodig lang geheel of gedeeltelijk ziek en kan daarmee terugvallen in salaris.
 

Afhankelijk van de cao of arbeidsovereenkomst kan tijdens ziekte sprake zijn van een stapsgewijze terugval in salaris. Ondanks dat de intentie van de werkgever waarschijnlijk goed was, is dit uiteindelijk niet altijd goed werkgeverschap.


Nog een belangrijke overweging is de beoordeling van het re-integratieproces door UWV bij de WIA-aanvraag. Als UWV van mening is dat het niet opvolgen van de adviezen van de bedrijfsarts de re-integratie heeft gestagneerd, kan een loonsanctie aan de werkgever worden opgelegd. In dat geval moet de werkgever mogelijk een derde ziektejaar doorbetalen.
Het uitgangspunt zou dan ook moeten zijn: de mogelijkheden die een zieke medewerker heeft, moeten worden benut. Maar wel op een manier die past bij de belastbaarheid van de medewerker.


Geeft een medewerker aan dat de opbouw te zwaar is? Spreek dan niet direct samen een ander schema af, maar neem contact op met de casemanager.


Een veilige reactie kan zijn:
“Ik hoor dat de opbouw voor jou zwaar voelt. We gaan niet zomaar afwijken van het advies, maar nemen contact op met de casemanager. Dan kunnen we zorgvuldig laten beoordelen wat haalbaar is en welke afspraken passend zijn.”
 

Wat kun je beter niet doen?

Maak geen informele afspraken die afwijken van het advies zonder overleg met de casemanager of bedrijfsarts. Ook niet als werkgever en medewerker het samen eens zijn.


Vermijd bijvoorbeeld:

  • Zelfstandig een ander opbouwschema maken
  • Een hersteldatum opschuiven zonder overleg
  • Meer uren laten werken dan geadviseerd
  • Minder uren laten werken dan geadviseerd
  • Alleen afgaan op het advies van de huisarts
  • Afspraken maken zonder vastlegging
  • Medische redenen opnemen in het personeelsdossier

 

De huisarts kan de medewerker medisch begeleiden, maar adviseert niet over arbeidsongeschiktheid en re-integratie op het werk. Die rol ligt bij de bedrijfsarts.
 

Niet eens met het advies?

Alleen de bedrijfsarts of een taakgedelegeerde adviseur arbeid en gezondheid mag adviseren over arbeidsongeschiktheid en re-integratie. Ook de huisarts speelt hierin geen rol.


Wanneer er vragen of onduidelijkheden zijn ten aanzien van het advies van de bedrijfsarts, neem dan altijd contact op met de casemanager van mkbasics, of met je eigen arbodienst. Die kan het spreekuurverslag toelichten en indien nodig een overleg met de bedrijfsarts plannen.


Blijven medewerker, werkgever of allebei het daarna niet eens met het advies van de bedrijfsarts? Dan kan een deskundigenoordeel worden aangevraagd bij UWV. Daarmee vraag je een onafhankelijke beoordeling van de situatie.

 

Kort samengevat

Het advies van de bedrijfsarts is leidend bij re-integratie. Daar kun je niet zomaar informeel van afwijken, ook niet als werkgever en medewerker het samen eens zijn.


Twijfel je aan het advies of loopt de opbouw in de praktijk anders dan verwacht? Neem dan contact op met je casemanager van mkbasics of met je eigen arbodienst. Die kan het advies toelichten, overleg met de bedrijfsarts plannen of meedenken over de juiste vervolgstap.


Zo voorkom je terugval, onnodige kosten en problemen bij de beoordeling door UWV.

Ontvang onze maandelijkse nieuwsbrief

Ontdek onze artikelen, whitepapers, podcasts en meer.

Schrijf je in voor onze maandelijkse nieuwsbrief en blijf als eerste op de hoogte van de laatste inzichten op het gebied van werk en gezondheid.
Schrijf je in voor de nieuwsbrief
media-block-standaard-afmeting (3)