Hoe smeed je een topteam?

Zet een willekeurige groep mensen op een rijtje en laat ze samen een pvc-buis naar de grond manoeuvreren die op ieders vingers rust. Dikke kans dat die buis niet omlaag maar omhoog gaat, ondanks dat iedereen hetzelfde doel nastreeft. Goede samenwerking is niet vanzelfsprekend. Wat is er nodig om van een verzameling individuen een team te smeden dat in staat is om samen mooie prestaties te leveren? Oud-volleybalinternational Edwin Benne kent de kracht van een geolied team uit eigen ervaring.

Het Nederlands volleybalteam waar Edwin in speelde, eindigde als vijfde op de Olympische Spelen van 1988 in Seoel en greep vier jaar later zilver in Barcelona. Topprestaties die alleen zijn weggelegd voor de allerbeste teams. Waarin specialisten niet ieder voor zich maar allen voor één gaan. Edwin: “Samen kun je meer dan alleen. Maar dan is het wel belangrijk dat je elkaars kracht leert benutten. Dat je weet wat wat iedereen kan en dat de rollen en taken helder verdeeld zijn. En dat je een gezamenlijk doel voor ogen hebt en daarop stuurt.”

Ken elkaar
Teamontwikkeling gaat niet over één nacht ijs. Het is hard werken. “Niet alleen in de topsport, maar ook in organisaties. Een eerste vereiste is dat je elkaar goed kent. Dat gebeurt vanzelf als je veel met elkaar omgaat, maar ook persoonlijkheidstests kunnen daar bijvoorbeeld bij helpen. Daarnaast moet je niet alleen met z’n allen een beeld hebben van waar je heen wil, maar ook van de weg daarnaartoe. Hoe en met wie ga je je doelen bereiken?” Dat je er ook daarmee nog niet bent, maakte Edwin voelbaar in zijn presentatie over teamontwikkeling tijdens een klantbijeenkomst van mkbasics.nl. Daar liet hij deelnemers de proef met de pvc-buis doen. Pas toen ze niet alleen een strategie hadden bepaald, maar ook een leider hadden aangewezen, begon de buis eindelijk te zakken.

Geen team zonder leiderschap
“Voor goede teamprestaties is leiderschap onmisbaar”, aldus Edwin. Van 2011 tot en met 2014 was hij bondscoach van het Nederlands herenteam volleybal en sindsdien vertaalt hij zijn ervaringen naar organisaties als programmamanager van het Human Performance Center van BeLife. “Er moet ook consensus zijn over dat leiderschap, anders loop je het risico dat mensen gaan muiten en zo de teamperformance ondergraven. Een goede leider is een coach die grip heeft op z’n team en het meeneemt in het proces. Die in staat is mensen intrinsiek te motiveren en de focus bewaart. Dat kan alleen maar door het gesprek aan te gaan. En daar is een veilige omgeving voor nodig.”

Kleedkamergevoel
Die veilige omgeving vergelijkt Edwin met de kleedkamer van een sportvereniging. “Voor mij staat de kleedkamer voor een plek waar een team zichzelf kan zijn. Waar de spelers zich opladen voor de strijd en toegesproken worden door hun coach. Hun strategie doornemen en elkaar oppeppen. Met één gezamenlijk doel: de wedstrijd winnen. Het is een plek waar ze zich thuis voelen, waar ze elkaar de waarheid kunnen zeggen, feedback krijgen en samen hun successen vieren: kijk eens wat voor moois we samen hebben geflikt! De fysieke pendant van de kleedkamer is op de werkvloer moeilijk aan te wijzen, maar dat staat het kleedkamergevoel niet in de weg. En in organisaties en teams waar dat kleedkamergevoel er is, zie je ook dat er betere prestaties worden neergezet.”

Geschreven door Rik Nijkamp (directeur).