CASUS : Als de motor hapert

Rob, een goede vriend van mij, is 37 jaar en heeft last van zijn rug. Hij moet nog zo’n dikke dertig jaar werken, maar heeft serieus last van zijn rug. Die tijd kan hij volbrengen, maar niet zonder slag of stoot. 

Wekelijks traint hij onder begeleiding zijn buik- en rugspieren. Ook squatten met ruim 70 kilo: drie series van elk vijftien keer. Hij is zo sterk als nooit tevoren en ook erg fier daarop! Doet hij al deze inspanningen niet, dan krijgt hij uitstraling in zijn linkerbeen. Dat beperkt hem in zijn doen en laten. Ook in zijn werk. Tot op vandaag heeft hij echter nog nooit een dag verzuimd. 

Zakelijk zit hij langer dan gemiddeld in de auto. Te lang soms. Alles waar 'te' voor staat is niet goed, dus ook dit niet. Nu mocht hij recent van zijn werkgever een nieuwe auto uitzoeken. Zo’n ding waar je in een leren zetel binnen zes seconden naar de 100 spurt. Een rappe bak. 

Nu kennen auto’s een steeds langere levensduur, betere motoren en duurzamere materialen. Maar is dat ook zo bij mensen? Hoe goed zijn onze motoren eigenlijk? Hoe goed is ons materiaal? En wat is de gemiddelde zakelijke levensduur van een mens? 

Wat voor je auto geldt, geldt ook voor jezelf. Als de motor hapert, is er maar een devies: draaien moet ie! Zo goed mogelijk. De bereidheid om dat te realiseren is groot, de reden van hapering vervaagt en de kosten worden minder belangrijk. Doorgaan tot aan het pensioen. Zo optimaal mogelijk. 

Hoewel, kosten minder belangrijk? De kosten van zorg lopen fors op bij gebreken. Zo ook in het geval van Rob. De persoonlijke begeleiding is duur. Wie betaalt die rekening? Rob’s werkgever, Rob zelf of elk een deel? Hoe zou jij als werkgever of leidinggevende van Rob hiermee omgaan? Geef je hem de ruimte om te werken aan zijn inzetbaarheid? Hoe vul je zijn omgeving in om toe te zien arbeidsvreugde en productiviteit? Heb je Rob überhaupt al gesproken?

Het werk gaat door voor Rob en jou. De motor hapert, maar Rob weet zeker dat hij hem aan de praat houdt. Rob kan het echter niet alleen. 

Geschreven door: Rik Nijkamp